Press "Enter" to skip to content

Sterrensysteem van critici is vooral leuk voor marketeers

Jeroen Vullings, literair criticus bij Vrij Nederland, maakt in een video komaf met het sterrensysteem waarmee recensenten hun lezers geselen. Het aantal sterren (of ballen) dat een recensent geeft aan een boek, doet niet terzake, zegt Vullings. Ze zijn immers het resultaat van smaak, ervaring en beoordelingsvermogen van de recensent. Geef het boek aan een ander. Zelfs al geeft die even veel sterren, dan krijgt het boek die beoordeling misschien wel om heel andere redenen.


*** de tweet van Vrij Nederland met een link naar de video ***


Zelf schreef ik negen jaar lang cd-recensies voor een van de bekendste weekbladen van België. Ergens halverwege die periode voerde de redactie een sterrensysteem in. Recensies moesten korter en door een deel van je mening in sterren te gieten moest je minder schrijven, was de redenering. Het was de periode waarin het Internet de attention span van de moderne mens ging aantasten, en hetzelfde netwerk adverteerders bij de gedrukte media weglokte, dus ik verbaasde me niet over die beslissing. Gelukkig werd ik er niet van. Het gevolg was dat ik soms uren nadacht over het aantal sterren dat ik moest geven. Tijd die ik liever in de recensie stak.

Sterren maken sterren

De argumenten die Vullings aanvoert, herken ik. Kijk de video. De man heeft gelijk. Maar er is iets wat hij niet noemt: het aantal sterren bepaalt mee of een recensie gelezen wordt. Ik heb daar weliswaar geen wetenschappelijk bewijs voor, maar ik zie het om me heen. En ik maak me er zelf schuldig aan. Als ik vijf albumrecensies zie en de tijd ontbreekt om ze allemaal te lezen, kies ik die waarbij de combinatie van artiest (is hij of zij mij bekend) en het aantal sterren het meest benieuwd maakt. Waar de sterren ook staan, onderaan of bovenaan de recensie, ik zie ze eerder dan de tekst.

Sterren bepalen zo de verkoopcijfers. Bij gevestigde namen die toch wel de handen op elkaar krijgen, zal dat weinig verschil maken, maar wel bij de (qua naamsbekendheid) mindere goden. Die maak of breek je met sterren. Het is geen wonder dat uitgevers hoge sterrenbeoordelingen bij een heruitgave vet op de omslag drukken.

Sterren zijn vooral instrumenten voor de gladde jongens en meisjes van de marketingafdeling. De lezer of luisteraar denkt misschien dat ze hem helpen, maar loopt in werkelijkheid schoonheid mis. Minder bekende artiesten die gemiddelde scores halen, zijn het meest de dupe. Moet ik als muziekliefhebber mijn tijd besteden aan een cd van een mij onbekende zanger die drie sterren kreeg? Als hij er maar een kreeg, zou ik misschien nog lezen waarom die plaat zo’n draak is. Mensen smullen van alles wat gekraakt wordt. Bij drie sterren laat ik hem links liggen. Drie is vlees noch vis. Terwijl, als ik het album toch zou horen, ik het op basis van mijn smaak, ervaring en beoordelingsvermogen een godsgeschenk zou kunnen vinden.

Sterren verwelken

Dan is er nog de beperkte houdbaarheid van recensies. De drie sterren van vandaag zouden er morgen twee of vier kunnen zijn. Of wie weet, vijf. Recensies lijken iets definitiefs te hebben: de cd (of het boek) zal immers niet veranderen. Je kan denken dat het oordeel dus evenzeer vastligt. Maar tijden veranderen en, zoals Jeroen Vullings al aangeeft, de recensent ook.

Het overkomt me geregeld. Dan leg ik na lange tijd weer eens die cd op die ik vroeger in een recensie vier of vijf sterren gaf. En dan blijkt het ding opeens zwaar tegen te vallen. Waar was ik toen zo enthousiast over? Ik lees de recensie na, maar helaas, wat ik daar schreef, hoor ik niet meer. Of ik hoor het nog, maar het raakt me niet meer. Twee, misschien drie sterren: meer is die plaat vandaag niet waard, denk ik dan. Heb ik de lezer destijds niet bedonderd, vraagt het duiveltje in mijn hoofd me dan.

Het omgekeerde gebeurt ook. Er zijn cd’s die ik vroeger met enige zuinigheid en een kilootje voorbehoud positief beoordeelde, maar die ik om een of andere reden altijd ben blijven draaien. Dat kan dan om één bepaald nummer gaan, of omdat de sfeer past bij hoe ik me voel. En zo’n plaat kruipt soms zo onder mijn huid dat ik vandaag sterren tekort zou komen als de redactie mij om mijn afgemeten oordeel vroeg.

Sterren geven aan vrienden

Een kunstwerk is als een mens. Je hebt klootzakken die achteraf best aardig blijken. En goede vrienden die zich gaandeweg tot hufters ontpoppen. En niemand valt bij iedereen in de smaak. Een recensent zou daarom de tijd moeten krijgen en een nieuw boek of album pas na een jaar of drie moeten recenseren. Zonder sterrensysteem. Of nooit, als het boek of album tegen die tijd helemaal vergeten is. Ik vrees alleen dat het aantal gratis recensie-exemplaren in de post dan weleens drastisch zal slinken.

 

Deel dit artikel